We zijn ondertussen alweer een tijdje en een eindje verder. Sinds Berlijn zijn er weeral bijna twee weken verstreken, en hebben we onze tweede mijlpaal, Gdansk in Polen, bereikt. Niet zonder slag of stoot, maar achteraf gezien gaat het nog steeds zeer vlotjes.
Het vertrek uit Berlijn gaat goed. Arend loodst ons zo goed al feilloos de stad uit, het weer houdt het na het onweer van de vorige nacht droog, en we komen al gauw weer in het ritme. Blij om weer “on the road” te zijn… In de namiddag krijgen we ongelooflijk veel hemelwater over ons heen, en zelfs hagel, en uiteindelijk geven we het schuilen maar op en fietsen maar door de regen… voor de eerste keer trouwens deze fietsreis, buiten Munster dan.
We hebben nog twee dagen nodig om de Poolse grens te bereiken. Mooie dagen. Eerst door de Markischen Schweiz, en ze noemen dat dus niet ‘schweiz’ voor niks… op en neer gaat het weer, en dan nog met felle tegenwind, maar mooi, man, dat is het wel. Daarna zuidoost langs de Oder (en natuurlijk draait de wind mee, dus weer tegen, gelukkig niet volop tegen), wat we iets minder vinden, maar dat komt misschien doordat we al wat veel gezien hebben.
De Poolse grensovergang valt wat tegen. Niks geen controle ofzo, gewoon doorfietsen, we hadden wel iets meer verwacht. Kostrzyn, onze eerste Poolse stad, vinden we ook niet zo. Grauw en grijs, niks gezelligheid, en we vinden er niet echt onze draai. Dus na het repareren van de spaken gauw weer door.
We maken al gauw kennis met de Poolse wegen, en spijtig genoeg ook met de Poolse chauffeurs. Doordat er in Polen namelijk niet al te veel snelwegen zijn, moet al het verkeer over de gewone wegen, en dat moet dan natuurlijk snel… en dan zijn fietsers vervelend… We worden dus al te vaak tegen hoge snelheid gepasseerd. Ik fiets linksachter Arend, om ruimte te creeren voor de aanhangfiets, en dat wordt me regelmatig niet in dank afgenomen (toet toet!). We zijn dus maar wat blij als we wat kleinere wegen inslaan. Maar we komen veel te vaak op de grotere wegen terecht, en we vinden de route echt niet fijn zo. Polen zelf bevalt ons wel. Rustig, mooie natuur, kleine dorpen met mooie dorpskernen. We zien heel veel ooievaars, die hier overal nesten, en op dit moment zitten er in elk nest wel twee jongen. En goedkoop, zeker het bier, tot groot genoegen van Arend
Alleen dat Pools… we waren zo stom om geen woordenboekje mee te nemen… Wanneer we dan eindelijk in Pila komen, alle romsplomp beu, en het boekje zegt dat er de volgende 120 km geen overnachtingsmogelijkheden zijn, hakken we dan toch de knoop (waar we al twee dagen over wakker lagen)door en nemen de trein. Een avontuur voor de kinderen, een beetje rust voor ons (we zagen op tegen fietsen in de onzekerheid over een dak boven je hoofd. Natturlijk vind je altijd wel wat, maar toch…)
Daarna gaat het beter. We zijn duidelijk in een ander deel van Polen. De mensen zijn vriendelijker, lachen en zwaaien meer, en rijden vooral rustiger
We komen ook veel meer op kleine wegen (eigenlijk alleen maar kleine wegen), en het landschap is nog steeds mooi. En mijn Pools wordt beter. Ook dat van de kinderen trouwens. Grappig als ze een winkel binnen stappen, en vlotjes “Dobre dien” zeggen (goeiedag), en “Do widzenia” (tot ziens) bij het buitengaan. Het weer doet het minder goed, en we hebben vooral grijze dagen, wel niet koud. De laatste dagen betert het, en hebben we meer zon maar ook de onweerkans neemt toe, dus het is drukkend warm. Met ‘s avonds dus vaak gigantische regenbuien.
De kwaliteit van de wegen verbetert echter niet, en de laatste 18 kilometer naar Malbork, waar we een rustdag gepland hebben, zijn meer gat en bult dan weg. Arends bagagedrager vindt deze wegen ook niet leuk, en geeft de geest. Niets wat een stuk tape niet kan opvangen. Binnenkort maar een lasser opzoeken. Ondertussen is het zo warm, dat het asfalt aan banden en schoenen kleeft…
Malbork is echt de moeite. Volgens de Polen het grootste bakstenen bouwwerk ooit door mensenhanden (ja, dor wie anders?) gemaakt. Voor ons een grote burcht, maar in zeer goede staat, mooi gerestaureerd, prachtig en indrukwekkend. Onze rustdag is goed gevuld, voor de kinderen ook met gewoon spelen op de camping en voor ons ook met wassen, internetten, veerpont boeken, …
En dan naar Gdansk. Om een of andere reden kunnen we ons niet verzoenen met nog een stuk trein, dus na wat gepuzzel vinden we een route die maar voor een klein stukje over een grote weg gaat, en we besluiten om te gaan fietsen. Het blijkt een hele mooie route te zijn, en VLAK! Ok, nog steeds wind tegen (wie zei er ook alweer dat de wind meestal uit het westen waait? De laatste dagen hebben we steeds oostenwind), en dus af en toe zwaar fietsen, maar verder heel mooi en rustig. we komen vrij makkelijk Gdansk in, met enkel op het einde drukke weg, en daar krijgen we goed de ruimte van de automobilisten.
We zijn vrij vroeg in Gdansk, dus gaan door naar het strand, tot groot jolijt van Emrys en Kiren, die uren scheppen en graven en met water zeulen. ‘s Avonds worden we hartelijk ontvangen door Kasia, waar we twee nachten zullen slapen. ‘s Zaterdags bezoeken we de Altstadt. Het is een prachtige stad, vol oude gebouwen in perfecte staat, en het is zeker indrukwekkend als je weet dat deze stad tijdens WO II voor 80% verwoest is geweest, en nadien in oorspronkelijke staat weer heropgebouwd. Je ziet het dus echt niet! Na de middag gaan we naar Gdynia, een van de drie deelsteden van Gdansk, waar de Baltic Tallships race doorgaat. Heeeele grote zeilschepen kijken, maar spijtig genoeg samen met heeeeel veeeel andere mensen, dus we vluchten al gauw.
Oef, ‘t is een lang verslag geworden… maar ja, eens je begint te vertellen. Ik hang mijn pen hier aan de haak, en wens jullie een goede avond. Morgen gaan we nog even de stad in, nog even naar het strand, en om 18 uur varen we het zeegat uit, op naar Zweden en Finland. We zijn erg benieuwd wat dat ons gaat brengen…
Recente reacties